Klederdracht
Het dragen van klederdracht raakte voor jonge vrouwen na de Tweede Wereldoorlog uit de mode; daarnaast gingen oudere klederdrachtdragende vrouwen steeds meer over op de algemene dames- of burgerkleding. Sindsdien kwamen er plaatselijk aan de onderzijde geen klederdrachtdragende vrouwen meer bij en vielen aan de bovenzijde meer en meer vrouwen af, hetzij door overlijden hetzij door een overschakeling op de - plaatselijk zo genoemde - burgerkleding. Alhoewel ook de Schevenings e mannen ooit een vorm van klederdracht kenden, is deze niet in dit artikel betrokken aangezien deze al aan het begin van de 20ste eeuw uit het straatbeeld verdween. Share |
|
|
Over Vlaggetjesdag 

De Scheveningse klederdracht kent een betrekkelijk lange traditie. Reeds in het midden van de 17de eeuw treft men een schriftelijke vermelding aan van een 'silver haerijser'. Deze hoofdtooi blijkt haar naam niet te hebben verloren, daar men te Scheveningen nog steeds spreekt van een 'íjzer' wanneer het gaat om de hoofdbedekking van een klederdrachtdragende Scheveningse vrouw.
Alhoewel de klederdracht in grote lijnen dezelfde is gebleven, valt toch een onderscheid waar te nemen tussen een werkdracht, een daagse of doordeweekse dracht en een zondagsdracht. Hierbij dient het volgende te worden aangetekend. Aangezien de betrokken vrouwen intussen bejaard tot hoog bejaard zijn en het werken niet meer tot hun dagelijkse bezigheden behoort, is de genoemde werkdracht inmiddels verdwenen.
Een speciale vermelding verdient de rouwdracht; deze heeft geen andere samenstelling voor wat betreft de gangbare kledingstukken, maar ze wijkt af door de algeheel gehanteerde kleur zwart. Het laatste met uitzondering van de muts van het hoofdijzer die wit blijft.